Wat is de invloed van de waan van de dag op jouw werk?

 

Een doorsnee dinsdagmiddag bij bureau Waan. Van de 100 medewerkers zijn er vandaag 66 aan het werk. Zo’n 44 van deze medewerkers wordt regelmatig tot vaak onderbroken in hun werk. Dat blijkt uit een enquête binnen het bureau. Een goede reden om hier eens het gesprek met elkaar over aan te gaan. Evelien, Peter en Sophie willen tot een voorstel komen om beter grip te krijgen op de waan van de dag. 

Sophie vertelt dat zij wordt afgeleid door telefoontjes van collega’s. Aan de ene kant is het natuurlijk fijn dat je direct van dienst kunt zijn, stelt Sophie, maar aan de andere kant beïnvloedt het mijn concentratie. De telefoon moet aanstaan, want ook klanten bellen. En van e-mails met dwingende deadlines, krijg ik de zenuwen, zegt ze. Om maar niet te spreken van alle appjes op de telefoon. Om eerlijk te zijn, zitten hier ook best wat privéappjes tussen. Sophie ervaart deze storingen regelmatig tot vaak als belemmerend. Eén op de drie van haar collega’s op kantoor deelt deze ervaring. Best veel, zo is het oordeel van het groepje. Ja, zegt Sophie, zeker omdat ik dan met enige regelmaat mijn werk niet af heb.

Hij gaat regelmatig naar huis met een onbevredigend gevoel. Hij weet niet precies wat nu onder waan van de dag valt, en wat gewoon bij zijn werk hoort.

 

Peter van de afdeling Inkoop heeft dit ook. Hij wordt bestookt met slordige mails die liefst vandaag nog beantwoord moeten worden. Maar omdat de mails onvolledig zijn, is hij veel tijd kwijt met het achterhalen van de juiste gegevens. Het lukt dan slecht om de klant goed te kunnen helpen. Hij gaat regelmatig naar huis met een onbevredigend gevoel. Hij weet niet precies wat nu onder waan van de dag valt, en wat gewoon bij zijn werk hoort. Hij weet wel dat anderen hem vaak te laat betrekken, zodat hij op het allerlaatst wordt onderbroken in zijn geplande werk om problemen van anderen op te lossen. Voor Peter zijn deze onderbrekingen echt stressvol. Hoe vaak heb je dat, vraagt Evelien. Regelmatig tot vaak, is het antwoord van Peter. Dat is ook zo bij één op de vijf van onze collega’s! Regelmatig stress omdat je wordt onderbroken in je werk, dat kan toch niet de bedoeling zijn, is de reactie van Sophie.

Peter heeft ter voorbereiding op dit gesprek even gezocht op google. Onderzoek van TNO toont aan dat vijftien procent van alle werknemers kampt met burn-out klachten. Evelien knikt. Zij heeft daar ook last van. Pas geleden stond iemand aan mijn bureau om wat te vragen. Ik was net een brief aan het afronden en geconcentreerd aan het werk. Die collega had maar twee minuten nodig, en wilde iets weten wat ik even op moest zoeken. Ik klik mijn document weg met de bedoeling het op te slaan. In mijn haast klik ik ‘nee’ aan bij de vraag om de wijzigingen op te slaan. Ik ging echt uit mijn dak en die collega droop af. Het was echt een ongepaste reactie. Ik heb later wel mijn excuses aangeboden. Toen vertelde die collega dat hij wel vaker de indruk kreeg dat het me allemaal een beetje te veel wordt. Ik denk dat dat klopt.

Tja, zegt Sophie. Eén op de acht van onze collega’s geeft aan last te hebben van collega’s die het te druk hebben. Dat is nogal wat. Een gemiddelde projectgroep bestaat bij ons uit acht teamleden. Dat betekent dat er in ieder project gemiddeld één medewerker zit waar de rest last van heeft. Evelien geeft toe dat zij door de stress vaak bot en direct is naar collega’s. Het is niet wie ik wil zijn, maar komt door de hectiek.

[bctt tweet=”We maken elkaar gek met al die mailtjes en appjes. Wat zouden wij gezamenlijk kunnen doen dit te veranderen?”]

Als we onze collega’s moeten geloven, gaat één op de vijf ervan uit dat het hoe dan ook alleen maar erger wordt met de waan van de dag. Hoe zouden we hier een halt toe kunnen roepen, vraagt Peter zich af. Daarbij geloof ik, zegt Peter, dat we zelf een groot deel van het probleem zijn. We maken elkaar gek met al die mailtjes en appjes. Wat zouden wij gezamenlijk kunnen doen dit te veranderen? We hebben elkaar nodig om ons beter te wapenen tegen de waan. Ik stel voor dat we een ‘waan-week’ organiseren met als doel tips en tricks uit te wisselen. Ten slotte zijn er genoeg collega’s die nergens last van hebben. Alle goede ideeën verzamelen we en de beste passen we toe in de praktijk. Met dit voorstel gaat het drietal naar de directie.

Dit zijn de de resultaten van de mini-enquête van Suzanne van Emden (bureau TOT) en Margriet van de Kamp. We danken een ieder die hieraan mee heeft gewerkt en zijn benieuwd in wie jij je herkent.